PABO: Een kind helpen met leren lezen (deel 1)

Door sebastius op woensdag 29 juni 2011 22:52 - Reacties (14)
CategorieŽn: Afstuderen, Onderwijs, Views: 5.374

Mag ik jullie voorstellen aan Sam? Sam van 8 jaar is een casus waar ik vandaag aan zit te werken voor mijn opleiding. Sam heeft een flink leesprobleem en het is aan mij om vast te stellen wat er mis is en een voorstel aan te dragen om het te verbeteren.

En het leek me leuk dit met jullie te delen ;)

Gegevens

Laten we beginnen met de gegevens:

Sam is 8 jaar, 4 maanden. Hij heeft een didactische leeftijd van 11 maanden (11 maanden leesonderwijs, dat is 1 schooljaar en 1 maand, een kind heeft immers 2 maanden vakantie, (en ik dus ook hopelijk ;) )). Hij is na groep 2 naar het Speciaal Onderwijs gegaan.

De volgende testgegevens zijn bekend:

EenMinuut Toets, Score 12, DLE = 7
VisuSynth 1, Score 32, Referentiescore (goed dus)
VisuSynth 2, Score 6, DLE = 4
AVI1a, Tijd = 2' 13', aantal fout = 7, instructieniveau (DLE = 6)
AVI2, Tijd = 2' 55", aantal fout = 13, frustratieniveau

Even wat informatie over deze toetsen:

De EenMinuut toets kennen jullie nog wel, kwam je bij een juf met een stopwatch en mocht je een lijst woorden voorlezen gedurende 1 minuut.

VisuSynth zijn twee toetsen gericht op Visuele Synthese (waarover later meer)

AVI kennen jullie ook nog, verhaaltje voorlezen, je krijgt steeds een standje hoger tot je van beheersniveau (dit kun je), naar instructieniveau (dit kun je met hulp) naar frustratieniveau (dit kun je niet) scoort.

Bij de meeste toetsen komt er een DLE uitrollen. DLE staat voor Didactisch Leeftijds Equivalent, dus als je een score DLE=5 hebt dan scoor je alsof je 5 maanden leesonderwijs hebt gehad.

Waar het nu om gaat is het verschil tussen je didactische leeftijd en de DLE score die je haalt. Zoals je ziet zit er een flink verschil tussen Sam's DL en zijn scores. Zijn leerrendement is lager dan 50% en is dus officieel een 'zeer zwakke lezer'.

Analyse
Tijd voor een probleemanalyse. Sam scoort op alle toetsen zwak maar vooral op VisuSynth 2 scoort hij erg laag.

Kinderen leren als eerste lezen met de elementaire leeshandeling. Heel simpel: b - a - l voeg je samen als bal. Prachtig systeem maar er zijn twee manco's aan deze handeling: het gaat erg langzaam en je raakt in de knoop met wat complexere woorden (bv streep).

Daarvoor heeft je brein Visuele Synthese! Visuele Synthese is het vermogen om clusters letters te herkennen. Dus ipv b - a - l zie je al b - al (al is een cluster dat je al kent). Dat scheelt een hoop tijd, zeker met complexe woorden en het scheelt ook fouten.

Sam valt uit op Visuele Synthese, zoveel is duidelijk. Hij heeft dus moeite met de overgang van het spellend naar herkennend lezen. Nu zijn er twee type kinderen in deze categorie leesprobleem: de spellende lezers en de radende lezers. Kenmerkend aan radende lezers is dat het tempo op AVI toetsen vrij normaal is. Sam is echter vrij langzaam met de AVI toetsen en is dus een spellende lezer (terwijl hij dat eigenlijk niet meer mag zijn).

Samenvatting

Samengevat: Sam is een zeer zwakke lezer. Hij heeft moeite met Visuele Synthese en is een spellende lezer. Hij heeft een leerrendement van minder dan 50%.

Morgen ga ik verder met Sam. Want nu we het probleem weten kunnen we werken aan de oplossing!

Magische iPods

Door sebastius op zaterdag 11 juni 2011 22:56 - Reacties (9)
Categorie: Knutselen, Views: 3.566

Nee, dit is geen reclame, maar gewoon een mooi filmpje van een moderne goochelaar, Marco Tempest:



(kijk vooral ook de HD versie op YouTube)

Dit is niet zomaar een dump voor een filmpje, ik wil graag achterhalen hoe hij het nou eigenlijk doet!

Volgens mij is alles wat je ziet een goed getimed stel films, maar hoe krijg je dan drie iPods in sync? En wat doet hij met z'n handen om die smileys te veranderen?

PABO: Voorbereiden op tentamen spelling (deel 2)

Door sebastius op zondag 5 juni 2011 16:00 - Reacties (9)
Categorie: -, Views: 4.079

Na wat dagen bezig te zijn met m'n spelling heb ik voor jullie weer een traktatie: een echt oefententamen!

Even voor de duidelijkheid, de cesuur (minimale score voor een 5,5) is 77%.

Per onderdeel plaats ik de vragen en de antwoorden, mijn score en daarna doe ik wederom mijn persoonlijke foutanalyse.

Dicteewoorden

Beoordeel of de onderstaande woorden goed of fout zijn:

1) abbonement
2) benodigdheden
3) carrousel
4) debateren
5) eensgezinswoning
6) fauteuil
7) geenszins
8) hektiek
9) ijselijk
10) kaligraveren
11) manoeuvre
12) not-bene
13) onmiddelijk
14) parallel
15) quite
16) rammadan
17) recensie
18) satteliet
19) tissue
20) vicieuze
antwoorden
goed zijn: 2, 3, 6, 7, 9 11, 14, 17, 19, 20
fout zijn: 1, 4, 5, 8, 10, 12, 13, 15, 16, 18

Mijn score op dit onderdeel was 16/20 = 80%
Foutanalyse
3) carrousel - Woordenlijst
7) geenszins - Samenstelling met tussenletter -s-
9) ijselijk - heeft met ijs te maken, eerste deel is goed. Tussenklank is -e-, we schrijven alleen -en bij achtervoegsels -achtig, -schap en -dom.
11) manoeuvre - Woordenlijst


Al deze woorden waren juist geschreven maar ik dacht dat ze fout waren (behalve ijselijk, dat woord kende ik niet).

Er zitten wat gemene woorden tussen, bijvoorbeeld eengezinswoning. Je hebt een woning voor een gezin, niet voor eens gezin ;)

Werkwoordspelling

(dit zijn 20 van de 40 vragen!) Beoordeel of de onderstaande werkwoorden juist of onjuist geschreven zijn:

21. Een fietser doet er verstandig aan, als hij het snelverkeer steeds voorrang verleend.
22. Hij was verheugd zijn oude vriend weer te ontmoeten.
23. Het oude vrouwtje stak de straat over, ondersteund door een politieagent.
24. Dat is nu al de vierde keer dat mijn vriend verhuist.
25. Geloof jij, dat de verzekeringsmaatschappij alle schade vergoed.
26. Je moet eens rustig met hem praten, zodat je hem van zijn ongelijk overtuigt.
27. Daar we in Amersfoort een half uur moesten wachtten, kortten we de tijd met raadseltjes.
28. Jullie hebben je vrienden wel erg verwaarloosd.
29. Ik begrijp niet, wat dat lawaai beduid.
30. De protesten die haar beleid opriep, tasten het gezag van de minister aan.
31. Wanneer het een paar weken droog is, verdort het gras op deze hoge gronden.
32. Het was al elf uur. We moesten ons haastten om de laatste trein te halen.
33. Als de storm niet bedaard, zullen we hier moeten overnachten.
34. Toen het zo erg miste, reden we bijna de sloot in.
35. Ik zou het nooit geloofd hebben, als ik het niet eens zelf gezien had.
36. Welk paard uit de manege berijd hij het liefst?
37. De politieagent gelaste ons door te lopen.
38. Toen Jolanda uit het ziekenhuis kwam, moest zij de eerste tijd nog veel rusten.
39. Toen de stakingen aanhielden, zwichten de werkgevers voor de eisen van de vakbonden.
40. Het is in alle opzichten beter, dat je nu dadelijk je schuld bekent.
Antwoorden
goed zijn: 22, 23, 24, 26, 28, 31, 35, 37, 38, 40
fout zijn: 21, 25, 27, 29, 30, 32, 33, 34, 36, 39

Ik had 15 van 20 vragen goed, dus 75%. Niet genoeg dus! Nu moet ik ook zeggen dat ik iets te snel door dit onderdeel heen ging.
Foutanalyse
21. hij verleent. Gewoon stam + t dus
23. ondersteund. Voltooid deelwoord, stam + d want -n- zit niet in TaxiKofschip (zij is ondersteund door de agent)
25. vergoedt. Gewoon stam + t (vergoed-en), de maatschappij vergoedt.
37. gelaste. Stam is gelas-sen, verleden tijd geeft stam+te. +TE omdat -s- in het kofschip zit.
40. bekent. Je bekent. Stam (beken-nen) + t. Enkel als 'je' achter het ww staat dan laat je die 't' weg. En met een 'd' kan al helemaal niet!

Regelkennis en taalkundige begrippen (Spelling)

(dit zijn 6 van de 32 vragen) Let op!: Wat de spellingregels betreft zijn alleen de officieel vastgestelde regels, zoals vermeld in “De Woordenlijst der Nederlandse Taal” (ook wel ‘Het Groene Boekje’ genoemd) normgevend! Verklaringen, observaties en/of ‘ezelsbruggetjes’ zijn dus geen norm. De methode Basisvaardigheden Spelling is een vertolking (= verklarende/toepassende uitleggingen) daarvan.

Beoordeel of de onderstaande regels juist of onjuist zijn.

61. Woorden die eindigen op een sisklank krijgen altijd apostrof bij bezit.
voorbeeld Ik ben Max' tas vergeten mee naar school te nemen.
62. Cijfers schrijf je tot en met duizend altijd aan elkaar; na duizend schrijf je een spatie.
voorbeeld Tweeduizend vijfhonderd
63. Soortnamen schrijf je met een kleine letter
voorbeeld Ik drink een glas bordeaux
64. Je gebruikt een apostrof als het tweede deel van het woord geen zelfstandige betekenis heeft.
voorbeeld Ik had voor mijn toets een 6'je.
65. Je gebruikt een koppelteken bij samenstellingen waarvan het eerste deel een afkorting is.
voorbeeld Hij is sinds dit jaar een pabo-student.
66. Een woord dat eindigt op een beklemtoonde –ee, krijg in het meervoud een extra -e met een trema.
voorbeeld Wij gaan vanmiddag gezellig sleeŽn met ons nichtje.
Antwoorden
Juist: 61, 62, 63
Onjuist: 64, 65
Onbekend: 66

Mijn score was 50%. Ik maak daarom een analyse van alle foute regels:
Foutanalyse
64) Als het grondwoord een letter, cijfer, symbool of initiaalwoord is, gebruiken we een apostrof om een meervoud, een bezitsvorm, een verkleinwoord of een andere afleiding te vormen.
65) We gebruiken een koppelteken in een samenstelling voor of achter een initiaalwoord.
66) Hier kan ik de regel niet van vinden helaas... Erg vervelend

Ik vond dit een lastig onderdeel omdat de exacte definitie en de losse regels die we zelf hanteren natuurlijk een klein beetje uit elkaar lopen. Een grijs gebied dus...

Taalkundige begrippen (voor de spelling)

Let op: ook voor dit onderdeel is “De Woordenlijst der Nederlandse Taal” normgevend.

Beoordeel of de onderstaande betekenissen van de taalkundige begrippen juist zijn.

93. Gesloten lettergrepen eindigen op een medeklinker
94. een samenstelling bestaat uit een betekenishebbend en een betekenisloos deel.
95. In de woordgroep ‘het aardige meisje’ is ‘aardige’ vervoegd
96. De zin “ik had een appel gegeten.”staat in de ovt
97. Het woord ‘ds’ is een afkorting, want je schrijft het met minder letters
98. Het woord ‘havo’ is een initiaalwoord, want woord dat gevormd wordt met de beginletters van afzonderlijke woorden, die we samen als een woord uitspreken.
99. Het woord ‘pc’ is een letterwoord, want het woord wordt gevormd met de beginletters van afzonderlijke woorden en dat we uitspreken als een reeks letternamen.
100. In het woord ‘cameraopstelling’ is sprake van klinkerbotsing, want het ene woord eindigt op een klinker, terwijl het andere woord ermee begint.
Antwoorden
Juist: 93, 97,
Onjuist: 94, 95, 96, 98, 99, 100

Mijn score was 4 goed van de 8, 50% dus.
Foutanalyse
Ik zet voor de duidelijkheid wat meer antwoorden hier neer, dus niet alleen mijn fouten maar ook een paar boeiende andere fouten.

94. dit is de omschrijving van een afleiding; een samenstelling bestaat juist uit twee betekenishebbende delen, zoals ‘boekwinkel’
95. alleen werkwoorden vervoeg je; de rest verbuig je
98. dit is de omschrijving van een letterwoord
99. dit is de omschrijving van een initiaalwoord
100. alleen als het twee dezelfde klinkers zijn, zoals ‘autoongeluk’ >>> ‘auto-ongeluk’, of als er een tweeklank ontstaat, zoals ‘benzineinjectie’ >>> ‘benzine-injectie’. In beide gevallen behoren de klinkers tot een andere lettergreep.

Conclusie

Al met al ben ik nog niet bij m'n 9, maar ik ga er wel een beetje op vooruit. Er zitten gewoon een heleboel gemene vragen in dit tentamen. Bedenk je dat het dus 100 vragen zijn met 90 minuten tijd. Je moet dus nog flink doorpezen ook!